|
Ik koos voor de verchroomde armstoel van de bekende architect Sybold van Ravesteyn en maakte in november 2006 het ontwerp, dat ik in het voorjaar van 2007 mocht uitvoeren.
Sybold van Ravesteyn was een tijdgenoot van Rietveld, zij waren vrienden. De bouwstijl van Van Ravesteyn wordt gekenmerkt door elegante gebogen lijnen en ronde vormen. Dit was heel apart in de tijd van de strakke rechthoekige moderne bouwstijlen van de 20ste eeuw. Deze sierlijke lijnen vinden we ook terug in zijn mooie verchroomde armstoel uit 1935/36.
Veel van de architectuur van Van Ravesteyn is echter al afgebroken en hij wordt wel "de meest gesloopte architect van Nederland" genoemd. Het werk van de architect is a.h.w. imaginair geworden en bestaat nog slechts in onze verbeelding.
Ik besloot om deze verdwenen architectuur tot uitgangspunt te nemen. Ik noem in het werk de plaatsnamen van een aantal stations en een aantal seinhuizen, maar er is in werkelijkheid veel meer verdwenen (benzinestations, watertorens e.a.).
De relatie met de stad Utrecht (Kunstliefde, Centraal Museum) vinden we in het drieluik terug in afbeeldingen van het oude stationsgebouw (nu Hoog Catharijne) en het seinhuisje aan de Kanaalstraat. Beide vertonen de kenmerkende “zweepslaglijn”.
IK symboliseer de verdwenen gebouwen d.m.v. schimmige stoelfragmenten, die ik diep wegetste uit de etsplaat. Maar in werkelijkheid is de stoel er nog wel (zie middenpaneel), want hij behoort tot de collectie van het Centraal Museum in Utrecht. In het middenpaneel is het ook het portret te zien van de architect.
Langzamerhand ontstond een drieluik, gedrukt van 6 verschillende platen: ets, diepets en aquatint op zink. Voor het etsproces werd kopersulfaat gebruikt.
|